25-04-2006
Plan KBP moet van tafel
Volgens de Brabantse Milieu Federatie moeten de huidige plannen van het Kempisch Bedrijven Park van tafel. Getuige het teletekstbericht van Omroep Brabant. Ook het Eindhovens Dagblad maakt er melding van.


Het artikel zoals gepubliceerd op de website van de Brabantse milieufederatie:

BMF dient zienswijze in tegen Kempisch Bedrijvenpark [26-4-2006]

 
Onlangs is in Bladel het Ontwerp Bestemmingsplan voor het Kempisch Bedrijvenpark in Hapert-Zuid ter inzage gelegd. De Brabantse Milieufederatie heeft van deze gelegenheid gebruik gemaakt om een zienswijze tegen het plan in te dienen bij de gemeenteraad. Daarin vraagt de BMF om af te zien van verdere planvorming, of in ieder geval besluitvorming uit te stellen totdat er meer duidelijkheid is over nut en noodzaak.

Er zijn twee belangrijke redenen waarom de Brabantse Milieufederatie realisatie van een 170 ha groot bedrijvenpark afwijst. Ten eerste neemt de behoefte aan bedrijventerreinen voortdurend af. Nieuwe studies van het Centraal Planbureau en de Universiteit van Maastricht laten zien dat er structureel minder ruimte nodig is voor bedrijventerreinen in vergelijking met ramingen van 5 jaar geleden. Ten onrechte worden deze verouderde gegevens nog steeds gebruikt als onderbouwing van nut en noodzaak. Deelnemende gemeentes als Reusel en Bergeijk trekken het nut van het terrein openlijk in twijfel vanwege eigen plannen voor bedrijventerreinen. Het college van Bladel wil nut en noodzaak nader onderbouwen met behulp van een nieuw onderzoek. Het spreekt voor zich dat verdere besluitvorming op de resultaten van dat onderzoek zal moeten wachten. Elders in de provincie hebben nieuwe inzichten al geleid tot ingrijpende nieuwe besluiten, zoals bij Moerdijkse Hoek en bij Kloosterstraat in Den Bosch.

De tweede hoofdreden betreft de locatie van het bedrijvenpark. Als er al behoefte is aan een regionaal terrein met grote kavels, dan is het gebied aansluitend op Meerheide beter geschikt. Hier is de infrastructuur aanwezig, is gefaseerde aanleg mogelijk en is het landschap al verstoord. Hapert Zuid maakt deel uit van een aaneengesloten groene bufferruimte ten zuiden van de Kempendorpen naar de natuurgebieden als Plateaux en Cartierheide. De Brabantse Milieufederatie meent dat een Milieu Effect Rapportage (MER) noodzakelijk is om de ontwikkeling van een grootschalig bedrijventerrein, op welke locatie dan ook, nader te onderbouwen. Nu is de onderbouwing gebaseerd op beleidsstukken zonder status (Locatiestudie+), ruimtelijk beleid waarin realisatie al is voorzien (Regionaal Structuurplan) en een MER over één planonderdeel: de omlegging van de Provinciale weg. Een finale, objectieve afweging heeft dus nooit plaats gevonden.

De omlegging van de Provinciale weg is niet nodig, omdat er geen capaciteitsproblemen op de N284 zijn. Dit toont de MER over de weg duidelijk aan. Er is alleen een spitsprobleem op twee kruispunten, dat vraagt om andere oplossingen dan een nieuwe weg. Daarom scoren vijf andere varianten allemaal beter dan een nieuwe aansluiting op de A67, ook nog eens tegen geringere kosten. Dat beeld wordt versterkt door verkeersgegevens van de afgelopen 5 jaar, die geen significante groei en soms zelfs afname van verkeer laten zien op de N284.

Het plan voor het Kempisch Bedrijvenpark is daarmee strijdig met het Streekplan. Niet alleen wordt gebouwd op een plek waar geen wegenstructuur aanwezig is (in tegenstelling tot Meerheide), ook wordt de Groene Hoofdstructuur (GHS) aangetast door ontwikkeling van bedrijvigheid. Aantasting van GHS is volgens het Streekplan alleen mogelijk bij zwaarwegend maatschappelijk belang en als er geen alternatieven zijn. Daar wordt in dit geval niet aan voldaan.

Het mag duidelijk zijn dat er geen sprake is van een duurzame ontwikkeling. Hier wordt ruimte geboden voor economische ontwikkeling, die aantoonbaar ten koste gaat van ecologisch en sociaal kapitaal in de Kempen. Het gebrek aan draagvlak bij bevolking (o.a. Via Stichting Lucht voor Hapert) en milieubeweging (o.a. Via Milieuvereniging Bladel) is daarvan het levende bewijs. In de zienswijze gaat de BMF ook uitvoerig in op de richting waarin de Kempen zich wel kan ontwikkelen, met haar groene ruimte als belangrijkste kwaliteit en drager van de regionale economie.

Noot:
De uitgebreide zienswijze is voor iedere geïnteresseerde beschikbaar. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Pepijn Klaassen (06 12 55 10 20)